Stoffenwetgeving

Platform Stoffen
Alles dat met REACH en CLP te maken heeft wordt besproken op het Platform Stoffen, maar ook andere stof-gerelateerde onderwerpen staan hier op de agenda. Denk bijvoorbeeld aan de aanvullende regels die gelden voor precursoren, cosmetica of farmaceutische producten.

Het Platform Stoffen coördineert de inspanningen richting de overheid om de regelgeving werkbaar te maken. De invoering van bijvoorbeeld REACH werpt bovendien heel wat vragen op. Daarom zorgt het Platform Stoffen voor kennisuitwisseling en –vergroting over deze onderwerpen. Dit doet het onder andere door antwoorden te formuleren op casusvragen over de toepassing van REACH en CLP in de praktijk. De antwoorden zijn te vinden op het VHCP extranet. Daarnaast organiseert het VHCP ieder jaar de Stoffen- en Arbodag. Verder worden trainingen en workshops aangeboden. Bij concrete uitvoeringsvragen kan het VHCP zelf ook adviserend optreden, dan wel tussenpersoon zijn richting bijvoorbeeld Rijksoverheid of ECHA. Zo wil het VHCP om de wetgeving toegankelijk te maken voor de leden en praktijkproblemen wegnemen.
 

Leden van het Platform Stoffen:
  1. Ad Koopman (Rodachem)
  2. Twan Kastelijn (Mavom)
  3. Johan Werkman (Boom)
  4. Anton Wagenaar (Helm)
  5. Tom Piket (De Monchy)
  6. Peter Biesheuvel (Univar)
  7. Suryn de Jager (Aako)
  8. Karen van Nek (Will en Co)
  9. Jamila Chedra (Synerlogic)
  10. Frederique Felius (Azelis)
  11. Arno van Hoeven (Cimcool)
  12. Wolter van der Vliet (Keyser en Mackay)
  13. Leo Verboeket (Sirius)
  14. Willem van Lanschot (VHCP)

Achtergrond REACH
REACH staat voor Registration, Evaluation, Authorisation and Restriction of CHemicals. De verordening is van kracht geworden op 1 juni 2007. De kern van REACH is dat een bedrijf dat chemische stoffen produceert, importeert, gebruikt of doorgeeft aan klanten er zorg voor moet dragen dat veilig met de stof kan worden omgegaan. Het doel is om volksgezondheid en het milieu beter te beschermen tegen de risico’s van chemische stoffen. Daarnaast wil de verordening het aantal dierproeven verminderen.
 
In beginsel is REACH van toepassing op alle chemische stoffen. Dat zijn niet alleen de stoffen die in industriële procedés worden gebruikt, maar ook stoffen die we in ons dagelijks leven gebruiken, bijvoorbeeld in schoonmaakproducten, verf en voorwerpen zoals kleding, meubels en elektrische apparaten. Daarom is de verordening van invloed op de meeste ondernemingen in de EU.
 
Het bedrijf moet de risico’s van de stof kennen en maatregelen treffen om die risico's op een adequate wijze te beheersen. De bewijslast ligt dus bij het bedrijf. REACH geeft de procedures hoe bedrijven de informatie over de eigenschappen en gevaren van stoffen moeten verzamelen en beoordelen. Uiteindelijk registreren bedrijven hun stoffen bij ECHA. Het uitgangspunt is dat er voor iedere stof één registratie is, dit betekent dat bedrijven veelal samenwerken met andere bedrijven om het registratiedossier compleet te maken.
 
ECHA beoordeelt de registraties en de EU-lidstaten evalueren geselecteerde stoffen om duidelijkheid te krijgen over hun gevolgen voor de gezondheid van mens en milieu. Er wordt ook een beoordeling gemaakt of de risico's van stoffen kunnen worden beheerst. Als de risico's niet kunnen worden beheerst, kunnen de autoriteiten het gebruik van stoffen beperken of voorafgaande autorisatie verplicht te stellen voor de stof. Op lange termijn moeten de gevaarlijkste stoffen worden vervangen door minder gevaarlijke stoffen. De uitvoering en handhaving van de REACH-verordening is in Nederland geregeld in de Wet milieubeheer.

Achtergrond CLP/ GHS
Internationaal zijn afspraken gemaakt over wereldwijde harmonisatie van de indeling en etikettering van chemische stoffen en mengsels op basis van hun gevaareigenschappen, het Globally Harmonised System (GHS). In Europa zijn deze regels geïmplementeerd via de Regulation on Classification, Labelling and Packing (CLP) , aangevuld met enkele specifieke eisen die in Europa al stonden in de Stoffen- en Preparatenrichtlijnen.
 
CLP  kent aan stoffen en mengsels van stoffen gevarenklassen toe. Deze gevaren kunnen bestaan uit fysische gevaren, gevaren voor de gezondheid en gevaren voor het milieu. De klassen zijn op hun beurt onderverdeeld in categorieën. Verder kent de nieuwe verordening nieuwe pictogrammen om gevaren aan te duiden. Van de vereenvoudiging door de verdergaande harmonisatie zal vooral de internationale handel profiteren. Toch brengt de deze verordening ook lasten met zich mee, bijvoorbeeld omdat in veel gevallen heretikettering nodig is.